3 september 2008

BRIEFADVIES

Energieraad: 'Energievoorziening moet flexibeler'

De Energieraad vindt dat in de Nederlandse energievoorziening meer gebruik moet maken van steenkool. Daarmee wordt de energievoorziening minder afhankelijk van gas en olie en dus ook minder kwetsbaar. Door steenkool te vergassen kan de CO2-uitstoot sterk beperkt worden.
De Energieraad adviseerde gisteren minister Van der Hoeven (Economische Zaken) en minister Cramer (Milieu) de bouw van een (demonstratie-) kolenvergasser in Nederland te stimuleren.

Het pleidooi van de Energieraad voor een grotere inzet van steenkool attendeert op een aantal belangrijke voordelen:
1. Meer flexibiliteit
Zeker bij de geplande inzet van windenergie heeft Nederland, volgens de Raad, flexibele energiecentrales nodig die de grote wisselingen in het aanbod van windenergie kunnen opvangen. Centrales die steenkool vergassen hebben die noodzakelijke flexibiliteit: als ze namelijk geen elektriciteit hoeven te leveren, kunnen ze gas aan het gasnet leveren en kan de centrale dus op vollast blijven functioneren.
2. Minder kwetsbaar
‘De Nederlandse energievoorziening is zeer sterk afhankelijk van gas en olie en daardoor op termijn kwetsbaar’, stelt de Raad. Meer diversificatie in de ‘brandstofmix’ bevordert de betrouwbaarheid van de energievoorziening.
3. Goedkoper
In mindere mate is ook de betaalbaarheid van de energievoorziening gediend met de inzet van meer steenkool vanwege de ‘stabiele, relatief lage prijzen’.
4. Nederland zeer geschikt voor energie uit steenkool
De Energieraad vindt juist Nederland een goede locatie voor kolengebruik: ‘Logistiek gunstig gelegen (diepzeehavens, infrastructuur), met voldoende koelwatercapaciteit door de vele kustlocaties, mogelijkheden voor CO2-opslag en goede verbindingen voor afvoer van geproduceerde elektriciteit. Het is dan ook niet verrassend dat er plannen zijn voor de bouw van een aantal nieuwe kolencentrales.’

Kolenvergassing kan CO2-uitstoot beperken
De Raad gaat uitvoerig in op de bezwaren tegen steenkool, maar concludeert uiteindelijk dat kolenvergassing de reductie van CO2 juist kan bevorderen. ‘De Raad is van mening dat kolenvergassing veruit de voorkeur verdient boven directe verbranding in conventionele kolencentrales. (…) Het afvangen en opslaan van CO2 (Carbon Capture and Storage - CCS) is bij kolenvergassing eenvoudiger en goedkoper te realiseren dan bij conventionele verbranding.’
De Energieraad erkent echter dat er zowel technisch als bedrijfseconomisch nog veel aan CCS moet worden ontwikkeld en verbeterd. Daarom moedigt de Raad minister Van der Hoeven en minister Cramer aan te stimuleren dat er in Nederland een demonstratie-kolenvergasser wordt gebouwd. Met deze installatie kan de bedrijfszekerheid worden getest en kan worden onderzocht of ‘de meerkosten van de vergassing kunnen worden terugverdiend door de efficiëntere CO2-afvang en -opslag’. Ook kan er dan meer zicht komen op de marktwaarde van de flexibiliteit van dergelijke centrales.


Kansen voor een proefproject
Juist nu zijn er kansen voor zo’n proefproject, schrijft de Energieraad. De Raad wijst erop dat de Europese Unie een twaalftal grootschalige proeven wil doen met CCS. Nederland zou zich sterk moeten maken voor een pilot waarbij kolenvergassing en CCS gecombineerd wordt.
De pilot waar de Energieraad voor pleit ‘bestaat uit een (proef-) fabriek voor kolenvergassing, die waterstof of synthetisch aardgas produceert’. De pilot kan aansluiten op de ervaring die al is opgedaan met kolenvergassing (zonder CCS) in de bestaande centrales in Buggunum en in Geertruidenberg.
De Energieraad heeft berekend dat een kolenvergasser met CCS even duur is als een gewone kolencentrale  met CCS en mogelijk zelfs goedkoper.

Nederland zeer geschikt voor CCS
De Raad vindt Nederland zeer geschikt voor CCS door de aanwezigheid van uitgeputte aardgasvelden en aquifers.
Een proef met de combinatire van CCS en kolenvergassing kan ertoe bijdragen ‘dat Nederland zich in de West-Europese elektriciteitsmarkt profileert als leverancier van flexibiliteitsdiensten’, aldus de Raad.

Dringend beroep op beide ministers
De Energieraad doet om al deze redenen ‘een dringend beroep’ op de ministers Van der Hoeven en Cramer om de ‘om te bewerkstelligen dat er in Nederland een demonstratie-kolenvergasser wordt gerealiseerd waarmee zonder CO2-uitstoot (onzuivere) waterstof uit steenkool kan worden geproduceerd’. Dat dat geld gaat kosten is voor de Raad evident: ‘Demonstratieprojecten van welke aard dan ook om de CCS-technologie op grote schaal te testen komen niet van de grond zonder financiële steun van de overheid zolang de CO2-prijs op een te laag niveau blijft om de technologie te laten renderen’.


Concreet advies
Het ‘briefadvies’ van de Energieraad eindigt met een aantal concrete stappen die Van der Hoeven en Cramer zouden moeten zetten:
’ Geef de markt het vertrouwen dat het beleid, gericht op de reductie van CO2-emissies, blijvend is en waar nodig door de overheid ondersteund zal worden.
 Nodig geïnteresseerde bedrijven en andere partijen uit om te komen met concrete investeringsvoorstellen voor kolenvergassing.
 Laat de Europese Commissie weten dat Nederland in aanmerking wil komen voor (tenminste) één van de 12 aangekondigde Europese CCS-pilotprojecten en dat Nederland daarbij (om redenen die in dit advies zijn aangereikt) kiest voor CCS bij kolenvergassing.’ 

De Nederlandse overheid zou volgens de Energieraad tegenover de betrokken marktpartijen ’een redelijk deel van de risico’s en meerkosten’ moeten afdekken.

 

 

Bron:
Persbericht Energieraad, 2 september 2008   
Tekst briefadvies, 2 september 2008

 

 

 

 

terug

 

 

Het energienieuws op deze site is uitsluitend geselecteerd naar journalistieke criteria.
De selectie is geen uitdrukking van standpunten van de Energieraad.
Persberichten kunnen worden gezonden naar webredactie-energieraad@cb-media.nl